Alle berichten van Mathijs

Proefproces

Welke tennisleraar, fagottist of chef-kok doet het: een proefproces aanspannen tegen de Staat, vanwege werkverbod zonder compensatie? Nee, ik probeer niemand op te hitsten tegen de overheid, dat kunnen anderen veel beter. Maar ik ben wel oprecht benieuwd naar de kansen van zo’n zaak.

Zeker nu het kabinet de coronasteun voor andere Nederlanders juist uitbreidt. De maximale NOW gaat omhoog en de drempel voor TVL omlaag. Er wordt bijna €600 mln extra uitgetrokken om ‘werkenden en ondernemers extra ondersteuning en zekerheid te bieden’.

Behalve dan de zzp’ers die vanwege het algemeen belang hun klanten niet mogen bedienen. Ja, noodleningen uit de vorige lockdown mogen ze wat later terugbetalen, maar dat helpt natuurlijk niet bij het acute omzetverlies in de lockdown-sectoren. Coronamaatregelen zijn geen ondernemersrisico, bezwoer het kabinet keer op keer, maar zzp’ers die hun zaak moeten sluiten, worden hardvochtig naar het bijstandsloket verwezen.

Is dit een redelijke afweging van belangen? Kan de overheid mensen verbieden om inkomen te verwerven, zonder compensatie? Welke rechter doet uitspraak?

FD

Nu de huizenprijzen dalen, zal blijken hoe hysterisch onze economie nog is

Hou je goed vast, want de huizenmarkt kantelt. In het recente verleden ging dat telkens gepaard met financiële problemen en een extra diepe recessie. Griezelig daarom, dat de prijsindex van bestaande koopwoningen sinds de zomer elke maand is gedaald. In november lag de huizenprijs al ruim 2% lager dan in augustus. Voor volgend jaar verwacht De Nederlandsche bank dat er 3% vanaf gaat. En in 2024 nog eens 3,4%.

De daling komt na een lange periode van snel stijgende huizenprijzen. Sinds 2014 zijn de prijzen bijna verdubbeld. Lage rente, hoogconjunctuur, baanzekerheid en tegenvallende nieuwbouw bleken de perfecte omstandigheden voor het zoveelste feestje op de Nederlandse huizenmarkt. Zo extreem als aan het einde van de vorige eeuw was het net niet. Maar met jaarlijkse prijsstijgingen van rond en soms zelfs boven de 10% leek het er wel op.

Die huizengekte tussen 1996 en 2000 eindigde overigens in een drama. Vorige eeuw waren het vooral het stijgende gezinsinkomen (vrouwen gingen werken en hun inkomen mocht meetellen bij de hypotheektoets), onbelemmerde hypotheekrenteaftrek en de nieuwe fantasievolle hypotheekvormen (spaar, belegging, aflossingsvrij) die tot een explosieve prijsontwikkeling leidden. Het economisch optimisme en een flinke zeepbel op de aandelenbeurs deden de rest.

Maar de dotcomzeepbel knapte, 9/11 doofde het optimisme en de inval in Irak in 2003 zette een afkoeling van de wereldeconomie in. Huizenprijzen bleven stijgen, maar wel een stuk langzamer en dat was genoeg om de Nederlandse economie aan het wankelen te brengen.

In de jaren ervoor was de Nederlandse consument eraan gewend geraakt, zijn inkomen aan te vullen door middel van een verhoging van de hypotheek. Wie de overwaarde van het eigen huis niet ‘verzilverde’ bij de bank, was een dief van zijn eigen portemonnee. Dat lieten de marketeers van de banken ons in elk geval geloven. De consumptie dreef in die jaren deels op de overwaarde, dus toen de huizenmarkt afkoelde, was er jaarlijks minder overwaarde om te verzilveren en daalde die consumptie.

Na het uitbreken van de kredietcrisis in 2008 begonnen de huizenprijzen echt te dalen. De overwaarde verdampte, en al dat verzilveren (en uitgeven) ervan bleek toch niet zo’n goed idee te zijn geweest. Huiseigenaren moesten extra op de rem trappen om hun uitgaven weer in overeenstemming te brengen met de maandelijkse inkomsten. Dat heeft de recessie in die jaren dieper en langduriger gemaakt.

De les: onze volatiele huizenmarkt en onze hoge hypotheekschuld maakt de Nederlandse economie behoorlijk hysterisch. De conjuncturele uitslagen zijn bij ons groter dan in andere landen. We zijn extra gevoelig voor schokken, want zodra de huizenprijs beweegt, schiet de consumptie uit het lood.

Gaat dat ditmaal ook weer op? Of is de historische relatie tussen huizenprijs en consumptie inmiddels afgezwakt? Recent onderzoek dat deze vraag beantwoordt ontbreekt. Maar er is wel reden voor hoop.

Want door strengere hypotheekregels, versoberde renteaftrek en misschien zelfs wat meer gezond verstand bij huiseigenaren, is er van de recente waardestijging van de eigen woning veel minder verzilverd. Was de spaarquote voor 2008 vaak nog negatief, omdat mensen dankzij verhoging van de hypotheek meer konden uitgeven dan ze verdienden, de afgelopen jaren werd er juist veel gespaard. Tijdens corona werd er vooral veel geld opzijgezet, deels onvrijwillig. Maar ook in de jaren voor de pandemie was de spaarquote positief, ondanks de stijgende huizenprijs.

De groei van de totale hypotheekschuld lag dan ook een stuk lager dan die van de huizenprijs. In plaats van extra lenen werd er juist extra afgelost. Voor de kredietcrisis steeg de schuld juist nog sneller dan de huizenprijs.

Vergis u niet, onze overspannen woningmarkt en internationaal gezien extreem hoge hypotheekschuld zijn nog altijd een risico voor zowel de conjunctuur als de financiële stabiliteit. De situatie lijkt echter beter beheersbaar dan tijdens eerdere kantelmomenten op de huizenmarkt. De consumptie zal ongetwijfeld weer last krijgen van de lagere woningwaarde, maar waarschijnlijk minder dan voorheen. Ofwel: de situatie is nog steeds hysterisch, maar wel wat minder hysterisch. Tel je zegeningen.

FD

Klimaatschade beprijzen lukt niet als we met subsidies blijven smijten

Milieueconomen zeggen het al decennia: om CO2-uitstoot snel omlaag te krijgen is beprijzing noodzakelijk. Pas als vervuilers een flink bedrag moeten neerleggen voor elke kilo CO2 die uit hun schoorsteen of uitlaat komt, is er een prikkel om die uitstoot snel te reduceren. Goede voornemens en groene bedoelingen zijn ook nodig, maar pas als het pijn doet op de winst- en verliesrekening gaat men tot directe actie over. Iets kan belangrijk zijn, maar pas als het geld kost wordt het ook urgent.

Goed nieuws daarom dat volgens onderzoek van de Oeso in 2021 40% van de CO2-uitstoot onder een of andere beprijzing viel. Dat is een flinke verbetering sinds 2018, toen de teller op 32% bleef steken.

Voor dit optimistische beeld moet de club van rijke industrielanden wel een ruime definitie van CO2-beprijzing gebruiken. Behalve directe CO2-belastingen en emissiehandelssystemen, telt men bijvoorbeeld ook brandstofaccijns en belasting op elektriciteit mee. Bovendien bedraagt de gemiddelde CO2-prijs in de 71 landen die werden onderzocht, slechts €4 per ton. Dat is niet hoog genoeg om serieuze gedragseffecten te bereiken. In het emissiehandelssysteem van de Europese Unie, het EU ETS, wordt op dit moment €76 betaald. Bij zo’n hoge prijs zie je wel een effect op de beslissingen van industrie en energiesector. Een gemiddelde van €4 is nauwelijks serieus te nemen.

Waarom komt impactvolle beprijzing toch zo moeilijk van de grond? Het simpele antwoord: omdat politici die prijzen en belastingen verhogen niet populair zijn. In de Verenigde Staten, bijvoorbeeld, bestaat geen nationaal emissiehandelssysteem. Er zijn wel wat staten met een emissiehandelssysteem (Californië voor industrie, energie, vervoer en gebouwen, een groep staten aan de oostkust voor de energiesector), maar van president Joe Bidens belofte voor de verkiezingen dat hij CO2-beprijzing zou invoeren, is na zijn inauguratie niets meer vernomen. Zijn klimaatplannen gaan nu uit van grote subsidies om de Amerikaanse industrie te vergroenen. Geld weggeven aan vervuilers, in plaats van afpakken.


Puur politiek opportunisme. Maar er is ook iets anders aan de hand. De discussie over belasting en subsidie om milieuschade te voorkomen, is een hele oude. Al in 1920 legde de Britse econoom Arthur Pigou uit hoe het zit met milieuproblemen. Hij stelde dat het in principe gaat om een gebrek aan eigendomsrechten. Niemand kan de schone lucht (of het stabiele klimaat) claimen. De oplossing van Pigou is simpel: de overheid moet milieubelastingen invoeren, zodat de vervuilers betalen.

Maar veertig jaar na Pigou schreef een andere Britse econoom, de latere Nobelprijswinnaar Ronald Coase, dat Pigou’s oplossing te kort door de bocht was. Moet de vervuiler wel betalen? Waarom betaalt de burger die waarde hecht aan schone lucht, niet een afkoopsom aan de vervuiler, zodat die zijn vervuiling staakt? Dat is misschien moreel minder bevredigend, maar leidt in economische zin tot dezelfde oplossing. Belasten van de vervuiler is prima, maar afkopen kan ook, vond Coase.

Deze laatste optie blijkt in de praktijk populair. We trekken miljarden uit om stikstofboeren te compenseren. Er is een opkoopregeling voor overbevissende vissers. De industrie vraagt en krijgt subsidie om minder te vervuilen. En ook op klimaatgebied strooit men liever met geld, dan dat de schade netjes wordt beprijsd.

De meeste economen zijn aanhanger van Pigou, maar de politiek kiest meestal voor Coase. Zonde, want met de stok van Pigou kun je veel harder slaan. Mensen reageren nu eenmaal meer op verlies (belasting) dan op winst (subsidie). Een milieubelasting levert inkomsten voor de staat op, die je kunt inzetten om andere belastingen, bijvoorbeeld op inkomen, te verlagen. Voor subsidies moet je dit soort verstorende belastingen juist verhogen.

Bovendien zorgt een subsidie op bijvoorbeeld groene energie voor meer energieverbruik, terwijl een belasting op grijze energie het totale verbruik doet afnemen. De beleidsvrijheid van een milieubelasting is ook veel groter, want subsidies zijn moeilijk af te schaffen. Bij belastingen is dat heel eenvoudig.

Alle reden dus om Pigou te volgen, en Coase te negeren. Behalve dan dat alleen economen dit vinden. De kiezers denken juist: weg met belastingen, leve de subsidie. De politiek komt hen graag tegemoet.

FD

Post-pensioen

Werkgevers moeten meer oudere werkzoekenden aannemen, vindt minister van Sociale Zaken Karien van Gennip. In de Telegraaf pleitte ze voor een ‘brede herwaardering’ van 55- tot 67-jarigen.

Die 55-plussers werken trouwens veel meer dan vroeger. In 2003, kort voor afschaffing van vut en pre-pensioen, was slechts 42% van hen aan het werk. Inmiddels is dat 72%. In 2004 stonden de vakbonden woedend op het Museumplein om het vroegpensioen te verdedigen. Totaal onnodig, weten we nu.

Ook na de pensioenleeftijd wordt meer gewerkt. In 2003 werkte 6,5% van de 68-jarigen, nu is dat ruim 16%. Onder 70 tot 75-jarigen steeg de arbeidsparticipatie van 3,3% naar 7,5%. AOW’ers zijn aantrekkelijk voor werkgevers: geen AOW-, WIA en WW-premie, geen transitievergoeding en nauwelijks loondoorbetaling bij ziekte. Wie op z’n 64ste te duur is, blijkt op z’n 68ste juist goedkoop. Het gaat dus niet per se om leeftijdsdiscriminatie, maar heeft ook te maken met onze starre sociale regels.

Werkgevers moeten meer werkloze ‘jonge ouderen’ aannemen, maar tegelijk moet Van Gennip iets doen aan premies en loondoorbetaling om dat aantrekkelijker te maken.

FD

Windrichting

We gaan weer kerncentrales bouwen. Twee stuks, bij Borssele op Zuid-Beveland, volgens berichten van RTL Nieuws. Hier geen analyse van de kosten en baten van nieuwe kerncentrales. Maar wel een opmerking over de locatie. Zetten we ze echt in het zuidwestelijke puntje van Nederland?

Een moderne kerncentrale is niet per se onveiliger dan veel andere vormen van energieopwekking, maar als het mis gaat kun je beter niet aan de benedenwindse kant wonen.

Volgens cijfers van Weerplaza waait de wind in Nederland meer dan een kwart van de tijd uit het zuidwesten. Gedurende 54% van de tijd zit de wind ergens tussen west en zuid. Die blaast het radioactieve jodium en cesium dan recht over de Randstad en Brabant. Als je er rationeel naar kijkt zouden we de kerncentrales in het noordoosten moeten bouwen, want daar waait de wind slechts 10% van de tijd vandaan.

Nee, niet in het Groninger aardbevingsgebied. Maar wel in de buurt. Bij Holwerd, bijvoorbeeld. Of bij Zoutkamp. Gewoon, vanwege de veiligheid van onze burgers. Als we dat niet eens willen overwegen, zijn we misschien toch nog niet toe aan nieuwe kerncentrales.

FD

Cadeautjes

Stond er opeens €190 extra op mijn bankrekening. Afzender: het energiebedrijf. Of beter: de Rijksoverheid, want die financiert dit vroege sinterklaascadeau en gaat dat voor de kerst nog een keer doen. Gratis geld voor iedereen om de dure wintermaanden door te komen.

Ons eigen geld, natuurlijk. En dat van onze kinderen. Want die twee keer €190 moet worden opgebracht door huidige en vooral door toekomstige belastingbetalers. We geven onszelf een cadeautje om te vieren dat we dertig jaar na het eerste klimaatverdrag nog steeds niet af zijn van onze kostbare gasverslaving.

Oostenrijkse burgers krijgen ook geld: €500 per volwassene. Maar bij hen is dat juist een beloning voor hun poging om af te kicken van fossiel. Oostenrijk heeft dit jaar een CO₂-heffing ingevoerd van €30 per ton (oplopend naar €55) en geeft de opbrengst daarvan jaarlijks terug aan de bevolking. Een echt cadeau voor wie duurzaam leeft, betaald door vervuilende medeburgers. Een prikkel om te verduurzamen.

Voor Oostenrijkse kinderen ligt er: €250 klaar. Leuk presentje. Maar hun echte cadeau: een land dat CO₂ een serieuze prijs durft te geven.

FD

Mensenrechten

Ik ben ervoor, u bent ervoor. Iedereen is voor mensenrechten. Dus goed dat instituten als de Hoge Raad en het College voor de Rechten van de Mens deze fundamentele rechten bewaken.

Maar gaan zij soms niet een beetje te ver in hun ijver? Zien zij het verschil tussen ‘een beetje oneerlijk’ en ‘schending mensenrechten’ nog wel? Onlangs oordeelde het College voor de Rechten van de Mens dat een werknemer die vrijwillig kiest om op maandagen niet te werken, moet worden gecompenseerd voor de ‘gemiste’ vrije tweede paasdag en tweede pinksterdag. Want: mensenrechten! Eerder vond dit college het idee van een voltijdsbonus ook al in strijd met de universele rechten.

De Hoge Raad vond dat onze vermogensrendementsheffing de mensenrechten schendt. Want miljonairs die hun geld op een spaarrekening zetten, werden belast alsof ze belegden. Ongetwijfeld voelt dat voor deze rijkaards niet helemaal eerlijk. Maar een schending van de mensenrechten? Ik zie het niet.

Gezegend is het land waar de mensenrechtenschendingen zo pietluttig zijn. Maar ik had me ook kunnen voorstellen dat de rechters deze zaken lachend opzij hadden geschoven.

FD

Trap er niet in

‘Zeg Bouman, waarom is de arbeidsmarkt opeens zo krap?’ Die vraag – in verschillende varianten – werd me dit jaar vaak gesteld. Vooral door mkb’ers die klanten moesten teleurstellen vanwege het personeelstekort. Ik was telkens met stomheid geslagen.

Want de arbeidsmarkt is niet ‘opeens krap’. We hebben al twintig jaar last van structurele tekorten. Dat komt door vergrijzing (meer gepensioneerden) en ontgroening (minder schoolverlaters). Waarom zagen ondernemers dat niet aankomen?

Het antwoord: door de vele recessies van deze eeuw. De dotcom-crisis, de kredietcrisis, de eurocrisis en de coronacrisis gingen telkens gepaard met hogere werkloosheid en minder vacatures. Daardoor leek het alsof we een ruime arbeidsmarkt hadden. Maar elke keer bleek het personeelstekort na de crisis nog nijpender dan ervoor, want de structurele krapte zette gestaag door.

Door de energiecrisis lijkt de arbeidsmarkt nu ook te ontspannen. Trap er niet in. Ga stug door met investering in robotisering en automatisering. Blijf personeel opleiden en neem zoveel mogelijk stagiaires en schoolverlaters aan. Want ook deze crisis gaat voorbij.

FD

Machtsgreep

Ooit was het ministerie van Financiën de baas in Nederland. Geld moest worden verdiend voordat het werd uitgegeven. Staatsschuld en begrotingstekort waren de belangrijkste macro-economische cijfers. De Zalmnorm was leidend en ambtenaren van Financiën schoven aan bij iedere beleidsdiscussie, om controle te houden op de uitgaven.

Maar toen kwam corona en gingen de geldsluizen open. NOW, TVL, TOGS en TONK; toenmalig minister van Financiën Wopke Hoekstra stond de grootste steunoperatie in de Nederlandse geschiedenis toe. De ‘blokkeerfries’ was streng als het ging om steun aan Italië, maar voor de eigen begroting bleek hij een gewillige meebuiger. Er was altijd geld genoeg

Maar als geld niet schaars is, heeft Financiën geen macht. Vandaar dat zijn opvolger Sigrid Kaag de zaak deze week op scherp zette. Eerst een strenge speech tijdens het D66-congres, daarna een Najaarsnota vol waarschuwingen. Zo wil zij Nederland terug in het gareel krijgen. Er is helemaal geen geld genoeg. Lenen is duur. Oneindige steun aan iedereen die een beetje zielig doet is onbetaalbaar. Financiën pakt weer de macht. Wat mij betreft geen moment te vroeg.

FD

Nog hogere lastendruk? Daar is geen aanmoediging van Knot voor nodig

Denk je alles wel te hebben gezien, is daar opeens een DNB-president die pleit voor een grotere overheid! Klaas Knot mocht deze week aantreden bij de vaste Kamercommissie Financiën en kwam met de verrassende mededeling dat de belastingen omhoog moeten, omdat mensen tegenwoordig verwachten dat de overheid de bestaansonzekerheden voor hen wegneemt. Het leven zit vol risico’s, kansen en toevalligheden en onze centrale bank vindt het logisch dat de burger die op het collectief afschuift. Ik geef het toe: die zag ik niet aankomen.

Eerder kwam de directeur van het Centraal Planbureau, Pieter Hasekamp, met een tegengesteld verhaal. Nederland lijkt een ‘compensatiesamenleving’ te worden, stelde hij, waarbij elke vorm van pech wordt afgewenteld op de overheid. Dat begon in de coronacrisis en dreigt bij de energiecrisis weer zo te werken. De gevolgen: verkeerde prikkels, minder economische dynamiek, bedrijven en consumenten die te veel risico nemen en snel oplopende overheidsuitgaven.

Knot lijkt zich daar bij voorbaat bij neer te leggen. Zijn pleidooi voor hogere belastingen wordt vast niet ingegeven door een primaire wens van een grotere overheid, maar eerder door de vrees dat de extra uitgaven waarmee de bestaansonzekerheid wordt bestreden ongedekt blijven. Liever hogere lasten dan ongedekte uitgaven, al was het maar om het inflatoire effect van de extra compensatiemiljarden te dempen.

De cijfers laten echter zien dat Knots wens al jaren bewaarheid wordt. De collectieve lastendruk loopt al minstens een decennium op. Begin deze eeuw ging er van elke verdiende euro bijna 37 cent naar de overheid (inclusief sociale fondsen). In de eerste tien jaar daalde de lastendruk naar ruim 35%. Maar daarna ging die snel omhoog. Vorig jaar bedroeg de collectieve lastendruk al bijna 40%.


Dat cijfer wordt overigens wel een beetje vertekend door de invoering van de Zorgverzekeringswet in 2006. Daardoor steeg de lastendruk op papier met 1,5 procentpunt. Maar ook als je daarvoor corrigeert blijft de stijging van de afgelopen tien jaar duidelijk zichtbaar.

Er moest dan ook heel wat aan Nederland worden verbouwd in die jaren. We wilden investeren in betere wegen, meer spoorlijnen, de energietransitie, scholen opknappen, meer defensiematerieel … Maar helaas, daar gingen de extra inkomsten niet naartoe. Integendeel: het aandeel van overheidsinvesteringen in de totale uitgaven daalde juist, van 15,4% in 2000 naar 11,6% in 2021. De overheidsconsumptie (salarissen, zorgkosten, uitkeringen) steeg in diezelfde periode juist. We halen meer geld op, want we willen meer uitgeven, maar niet aan zaken die langer dan een enkele periode meegaan.

De hogere lasten zijn vooral nodig om de kosten van de vergrijzing te betalen, zoals de exploderende zorguitgaven. De zorgbegroting steeg deze eeuw van 5,8% naar 10,4% van het bbp. Zorg is het koekoeksjong van de collectieve sector, dat andere uitgaven (onderwijs, infrastructuur, defensie) uit het nest wipt. Aan sociale zekerheid geven we ook steeds meer uit, vooral door toename van de AOW-kosten.

De komende jaren gaan zorg en sociale zekerheid alleen maar duurder worden. Het CPB verwacht dat de zorgkosten stijgen naar 18% bbp. Er komen veel meer AOW’ers bij en de politiek grijpt elke kans aan om het niveau van deze uitkering te verhogen. Later deze eeuw zijn er voor iedere AOW’er nog maar twee werkenden om de AOW-premie op te brengen. Nu zijn dat er drie, in 2010 waren het er nog vier. Niet moeilijk om te voorspellen welke kant de premie op zal gaan.

Die hogere lasten komen er dus vanzelf wel. De vergrijzing gaat daar automatisch voor zorgen. Voor nieuwe energiesubsidies of andere koopkrachtsteun waarmee de overheid probeert de bankrekening van de burger af te schermen van de geopolitieke werkelijkheid, is dan gewoon geen ruimte meer. De lastendruk loopt anders te ver op.

Het kan best zo zijn dat de burger steeds meer van de overheid verwacht en dat we in de onzekere wereld zoeken naar een nieuwe pech-en-verliesverzekering van de staat. Maar in een eeuw waarin de vergrijzing onontkoombaar toeslaat, zullen we ons moeten vermannen en erkennen dat het collectief niet voor elk probleem kan opdraaien.

FD