Alle berichten van Mathijs

We moeten duurzaam beleggen om de wereld te redden. Maar hoe doe je dat?

Soms weet ik het ook niet meer. Dan ga ik onhandige schemaatjes tekenen. Een enkele keer belanden die in de krant. Met excuus aan de lezer en vooral aan de vormgever die met mijn droedels aan de slag moet.

(klik voor groot)

Hoe kunnen beleggers een bijdrage leveren aan het klimaatbeleid? Dat was de vraag waarop mijn hersens vastliepen. Wel een belangrijke vraag, want zoals ook weer in Glasgow bleek: voor een echte draai richting een duurzame economie speelt het grootkapitaal een onmisbare rol. Technologie bepaalt de mogelijkheden, maar geld bepaalt de richting. Als iedereen vindt dat we naar links moeten, maar de financiële sector wil naar rechts, dan weet ik wel waar we uitkomen.

Om alle neuzen richting duurzaam te krijgen zijn financiële prikkels nodig: geef CO₂ en andere broeikasgassen een prijs, via belastingen of handel in emissierechten. Economen roepen dat al decennia, maar het idee wordt maar langzaam opgepakt. Daarom moet er ook iets anders gebeuren: de financiële sector moet zelf verantwoordelijkheid nemen. Wie duurzaam wil beleggen, hoeft niet te wachten totdat de overheid voor precies de juiste prijzen en belastingen zorgt. Het grote geld kan zelf de draai maken.

De leden van de Glasgow Financial Alliance for Net Zero (GFANZ) willen dat. Het zijn 450 grote banken, beleggers en asset managers, die onder leiding van oud-Bank of England-baas Mark Carney en media-miljardair Michael Bloomberg beloven om via hun beleggingsbeleid een economie met ‘netto nul emissies’ mogelijk te maken.

Gaan deze financiële krachtpatsers dan subiet stoppen met investeren in oliebedrijven, staalindustrie en andere fossiele sectoren? Nee, zeker niet. De beleggers willen juist hun macht gebruiken om deze bedrijven sneller op het schone pad te zetten. Met verkopen van de aandelen aan andere, vaak meer kortzichtige aandeelhouders schiet de wereld weinig op.

Dat is een andere insteek dan het ABP onlangs koos. Dat pensioenfonds gaat juist wel afscheid nemen van de fossiele beleggingen, omdat het denkt te weinig invloed te kunnen uitoefenen op het beleid. Ik vind het moeilijk om te bepalen wie gelijk heeft. Moeten groene beleggers fossiel uit de portefeuille gooien, of juist niet? Vandaar bovenstaand schema, waarin ik weinig antwoorden geef, maar wat in elk geval inzicht geeft over de dilemma’s.

Want die dilemma’s gaan verder dan de keuze tussen ‘fossiel bekeren’ of ‘fossiel verkopen’. Er is immers ook de keuze om helemaal duurzaam te gaan en alleen te investeren in bedrijven die een positieve bijdrage leveren. Zo’n portefeuille met louter duurzame aandelen klinkt misschien als de beste optie, maar er kleven ook bezwaren aan. Zo is moeilijk objectief vast te stellen welke bedrijven echt duurzaam zijn. Tesla? Wel vergeleken met een traditionele autobouwer, maar kan het kapitaal niet beter nog naar een fietsenmaker, of een treinenbouwer? Is een belegging in een nieuwe gascentrale duurzaam? Wel als die een oude kolencentrale vervangt. Maar ook als er met dat geld ook een windpark kan worden gebouwd? Of een kerncentrale?

De Europese Commissie werkt aan een lijst met investeringen die als groen mogen gelden. Investeringen in infrastructuur voor aardgas komt daar waarschijnlijk ook op, liet eurocommissaris Frans Timmermans in Glasgow weten. Hij lost het beleggersdilemma dus ook niet op.

Een ander probleem met een puur duurzame portefeuille is dat je bij het huidige beperkte aanbod al snel meedoet aan het opblazen van groene zeepbellen. Woensdag ging producent van elektrische SUV’s Rivian naar de beurs. Aan het eind van de dag was het bedrijf al meer waard dan General Motors. Bizar.

Dan maar veilig doen, en vooral beleggen in groene staatsobligaties? De Nederlandse Staat, bijvoorbeeld, geeft die met veel succes uit. Maar levert dat het klimaat echt wel iets op? Gaat Nederland echt meer investeren in duurzame energie omdat het via groene obligaties net iets goedkoper kan lenen? Waarschijnlijker is dat er uitgaven mee worden gedaan waarvoor anders gewone obligaties waren uitgegeven. Groene obligaties maken dan de grijze obligaties vuiler. Wat helpt dat?

Nee, de wereld redden is zo eenvoudig nog niet. Zelfs niet als je miljarden hebt te besteden.

FD

Kloofgeloof

Het is een moeilijk najaar voor goedbedoelende Nederlanders die overal in onze maatschappij groeiende kloven waarnemen. Zo bleek uit onderzoek van de Universiteit Leiden, dat de kloof tussen hoge en lage inkomens niet groter wordt. De inkomensverdeling bleef sinds 1990 griezelig constant, mede dankzij de niet aflatende ijver van onze politici om koopkrachtverschillen te repareren met een al groter arsenaal aan subsidies, toeslagen en belastingkortingen.

Net bekomen van deze schok, kregen de kloofgelovers een nieuwe klap te verwerken. Ook de kansenongelijkheid op Nederlandse scholen neemt niet toe. De Onderwijsinspectie had in 2016 gewaarschuwd dat het verschil tussen kinderen van hoog- en laagopgeleide ouders steeds groter werd. Maar uit onderzoek dat deze week verscheen in ESB, blijkt ook dat die kloof de afgelopen jaren niet aantoonbaar is gegroeid.

Gelukkig is er nog altijd de vermogensongelijkheid. Die neemt in tijden van stijgende huizenprijzen altijd toe. Zeker als je vergeet het pensioenvermogen mee te rekenen. Toch nog iets om je boos over te maken. Tot de huizenmarkt weer eens instort.

FD

Goede inflatie

Moet de overheid de inflatie compenseren, vroeg De Telegraaf. Ja, antwoordde 77% van de lezers. Het liefst via lagere btw. Over rondpompen van geld gesproken; we betalen zo’n btw-verlaging natuurlijk zelf. En van geld aan jezelf geven is nog nooit iemand rijker geworden.

De malligheid laat zien dat we inflatie zijn ontwend. Na jaren met lage percentages, kan Nederland niet meer omgaan met gezonde inflatie van een procent of drie, vier. Gezond ja, want een beetje inflatie helpt de economie. Bijvoorbeeld omdat oninbare schulden wegsmelten. Ook zorgt inflatie dat er loonverschillen kunnen ontstaan tussen sectoren met te veel en te weinig werk. Werknemers gaan er niet graag in euro’s op achteruit, dus zonder inflatie blijven lonen in overschotsectoren vaak te hoog.

En het is ook goed voor de pensioenen. Niet-indexeren levert bij lage inflatie weinig op voor fondsen met een dekkingstekort. Die moeten dan eerder nominaal korten en dat vinden we in Nederland erger. ‘Verhoog gewoon de rekenrente’, gaan gepensioneerden mij nu mailen. Nou, misschien zorgt de inflatie ook wel voor een rentestijging. Iedereen blij.

FD

Hervormen

Schaf de hypotheekrenteaftrek en de zelfstandigenaftrek af en ontvang €6 mrd uit het EU-coronafonds. Zo stelde minister Wopke Hoekstra het voor. Inmiddels blijkt dat we meer keuze hebben. Zolang huiseigenaren en zelfstandigen maar meer belasting betalen.

Waarom wil de Europese Commissie dat? De hervormingen komen uit de ‘landspecifieke aanbevelingen’. Die zijn bedoeld om de macro-economische stabiliteit te versterken. Nederland heeft bijvoorbeeld een overschot op de handelsbalans en pot zo veel geld op. Andere landen hebben juist grote schulden. Dat maakt de euro instabiel.

Doen de geëiste hervormingen daar dan iets aan? Welnee, als huiseigenaren minder lenen gaat het spaaroverschot juist omhoog. En zelfstandige pianoleraren hun aftrek afpakken, maakt de euro ook niet stabieler.

Veel beter kan Brussel eisen dat we meer geld uitgeven. Aan duurzame energie, bijvoorbeeld, en aan de aanleg van een zwaarder elektriciteitsnet. Veel meer geld voor onderzoek en ontwikkeling, hoger loon voor iedereen, minder pensioenbesparingen, sluiting van het belastingparadijs, zodat hier minder geld heen stroomt. Opties genoeg.

FD

Voor een loongolf moeten proletariërs zich verenigen. Maar bij welke bond?

De arbeidsmarkt is krapper dan ooit. Bij bouwbedrijven staat gemiddeld 6% van de banen open. In de ICT is dat meer dan 7%. Maar de horeca spant de kroon. Daar kunnen ondernemers zelfs voor acht op de honderd banen geen personeel vinden. Restaurants houden de keuken dicht en op terrassen geldt zelfbediening.

De koks en obers die tijdens de lockdowns op zoek gingen naar ander werk, blijken niet zo makkelijk terug te lokken naar hun oude baan. Het zou zomaar kunnen dat voormalig horecapersoneel heeft ontdekt dat elders een stuk beter wordt betaald, voor minder zwaar en onzeker werk.

Hoogste tijd dus voor een flinke loongolf in de horeca. Als de vraag veel groter is dan het aanbod, moet de prijs (het loon) omhoog. De werkgevers zullen dat deels doorberekenen in de prijzen, dus ons biertje en koteletje worden dan duurder. Jammer, maar zo werkt het in de economie.

In theorie, althans. In de praktijk blijkt er weinig verband tussen arbeidsmarkttekorten en cao-loonstijgingen. Ook nu ziet Koninklijke Horeca Nederland (KHN) een loongolf niet zitten. De brancheorganisatie zal bij de onderhandelingen met de vakbonden juist een ‘voorzichtige koers varen’. Er is ‘veel economische onzekerheid’ bij de horecaondernemers, schrijft KHN, dus de lonen kunnen niet veel omhoog.

Waarom kan de ondernemersclub zich zo star opstellen? Misschien wel omdat werknemers in de horeca slecht georganiseerd zijn. Pakweg een op de tien is lid van een vakbond, zo blijkt uit nieuwe cijfers van CBS en TNO, dus de werknemersonderhandelaars staan bij voorbaat 1-0 achter. Met vakbonden met zo’n zwakke positie is het voor werkgevers makkelijk onderhandelen.

Wat voor de horeca geldt, dreigt ook al meer voor Nederland als geheel. Economen verbazen zich al vele jaren over de relatief trage loonontwikkeling in ons land. Het lukt maar niet om de structurele krapte tot uitdrukking te laten komen in de lonen. Daar zijn veel verklaringen voor te bedenken, maar de dalende organisatiegraad is een goede kandidaat. Elke keer als een vakbondslid opzegt, sterft er ergens een looneis.

Ook dit jaar is het aantal vakbondsleden weer gedaald. Er zijn nu nog maar zo’n anderhalf miljoen mensen lid. Begin deze eeuw was dat nog bijna twee miljoen. Als percentage van het totale werknemersbestand is die daling nog duidelijker: van 35% begin jaren zeventig, naar 28% in 2000, tot zo’n 19% nu.

Eigenlijk is dat percentage nog lager. Want een groeiend aantal leden is de AOW-leeftijd al gepasseerd. Die spelen op de arbeidsmarkt meestal geen rol meer. Na correctie voor gepensioneerde leden blijft een organisatiegraad van slechts 15% over. En zetten we die vakbondsleden af tegen alle werkenden (inclusief de zzp’ers, want daar zegt men ook voor op te komen), dan daalt het verder naar 12%.

Vooral bij de grote bonden is het aantal leden boven de AOW-leeftijd groot. Bij FNV gaat het zelfs om meer dan een kwart. Tegelijkertijd zijn er juist heel weinig jongeren lid: minder dan 1,5% van de leden van FNV en CNV is jonger dan 25 jaar. Maak dan maar eens een vuist aan de onderhandelingstafel, en bewijs dan maar eens dat je representatief genoeg bent om mee te beslissen in de polder.

Wat te doen? Allemaal lid worden van de vakbond, natuurlijk! De bedrijven werden de afgelopen jaren al groter en kregen in sommige sectoren zelfs een soort monopoliemacht. Daar moet een andere macht tegenover komen te staan. Proletariërs, verenigt u!

Was het maar zo makkelijk. Het probleem is dat de vakbonden zelf vanwege hun krimpende en onevenwichtige ledenbestand zich al meer richten op deelbelangen van de mensen die nog wel lid zijn gebleven. Het is 50Plus in de polder en de algemene loonruimte wordt makkelijk ingeruild voor specifieke eisen, zoals een nieuwe VUT-regeling voor oudere havenarbeiders, of meer vaste banen voor de insiders. Als bijvoorbeeld jongeren massaal lid worden van deze oude bonden, helpen ze in eerste plaats vooral de oudere werknemers nog meer in het zadel.

We hebben dus een nieuwe vakbond nodig, die opkomt voor iedere werkende en hogere lonen eist voor iedereen. Daar kunnen we dan allemaal lid van worden. Het is een prachtig vooruitzicht, maar ik vrees dat de bestaande polderkrachten zo’n initiatief zullen tegenhouden. De Bond voor Alle Werkenden komt er niet. Obers en koks kunnen fluiten naar hun dikverdiende loongolf.

FD

Het is een keer klaar met het pensioengesjoemel

De PvdA dreigt steun aan het pensioenakkoord in te trekken. Kamerlid en oud-FNV-er Gijs van Dijk eist dat de pensioenfondsen nu al mogen rekenen met de soepelere rekenregels van het nieuwe pensioenstelsel, ook al is dat er nog niet. Want dan kunnen de pensioenen omhoog.

Dit is een buitengewoon slecht idee. Allereerst: het slaat nergens op. Van Dijk wil met de fiets de autoweg op mogen, omdat hij binnenkort zijn autorijbewijs wil gaan halen. Bij het huidige stelsel passen de huidige regels, niet die van het nieuwe stelsel.

Ten tweede: Het is strategisch onhandig. De hervorming doen we om het pensioen toekomstbestendig te maken. Dat gaat met pijnlijke keuzes gepaard. De belofte van soepelere rekenregels maakte die pijn voor belangengroepen dragelijk. Als we dat nu al weggeven zal de pijnlijke hervorming nooit gebeuren. Eerst het zuur, dan het zoet.

Ten slotte: het is een keer klaar met het gesjoemel. Keer op keer zijn regels bijgebogen en herstelperiodes opgerekt om korten te voorkomen. Kiezen voor nieuwe rekenregels zonder het nieuwe stelsel zou het pensioentoezicht voor altijd ongeloofwaardig maken.

FD

Waar is Xi?

lle wereldleiders reisden naar Glasgow, in een allerlaatste poging om desastreuze opwarming van het klimaat te voorkomen, of in elk geval te verminderen.

Alle wereldleiders? Nee, een van hen bleef thuis. Hij vond het niet nodig om naar Schotland af te reizen, maar stuurde wat ambtenaren en een armoedige schriftelijke verklaring zonder echte toezeggingen.

De ontbrekende leider is Xi Jingping, president van de Volksrepubliek China. Niet toevallig het land met de grootste CO₂-uitstoot, en plannen om nog flink in kolencentrales te investeren. Ja, China wil in 2060 CO₂-neutraal zijn, maar juist in Glasgow had Xi kunnen bewijzen hoe hard die belofte is, door echte actie en harde maatregelen aan te kondigen.

Klimaataanpak vergt internationale coördinatie. Dat gaat het best op basis van vertrouwen. Maar kwaadschiks kan ook. Xi’s afwezigheid bewijst dat Europa het eerder voorgestelde systeem van handelstarieven voor CO₂-intensieve import uit landen als China, snel moet invoeren. Niet alleen om onze eigen industrie een eerlijk speelveld te geven, maar ook om te zorgen dat Xi de volgende keer wel komt opdagen.

FD

Zwemmen in poep

Altijd lachen met die Britten. Geen volk weet zo grappig werkelijkheid en absurdisme te vermengen en zichzelf zonder gêne op de hak te nemen. Soms gaat het om subtiele, spitsvondige grappen. Vaak ook is het onbekommerde poep-en-plas-humor.

Op dit moment vooral dat laatste. Letterlijk. Door brexit hebben de rioolbedrijven moeite om de noodzakelijke chemicaliën in te kopen. De rioolzuivering lukt daardoor niet meer. Dus laten de bedrijven hun smerigheid ongezuiverd in het oppervlaktewater lopen. Een motie om dat te verbieden werd door de Tories van Boris Johnson weggestemd. Gevolg: meren, beken en rivieren worden overstroomd door miljoenen liters raw sewage, zoals de Britten de smurrie noemen. Ook de kust raakt zwaar vervuild. Vissen sterven, oesters zijn oneetbaar.

Brexit zou het land weer fier en vrij maken. Met een trots volk dat soeverein de eigen toekomst kiest. In plaats daarvan zwemmen de Britten in hun eigen stront. En een beroep doen op de strenge Europese regels voor waterkwaliteit kan niet meer, want Brussel heeft niets meer te zeggen. Veel komischer dan dit wordt het niet.

FD

Inflatie is minder eng als je de blik wat ruimer zet

Wie had vorig jaar gedacht dat we het eind 2021 nagelbijtend over dure grondstoffen, inflatie en mogelijke renteverhogingen zouden hebben? Ik in elk geval niet. Begin 2020 belandde een groot deel van de wereld in wat een zeer diepe recessie leek te worden. Er moesten steunpakketten komen, herstelplannen en enorme bestedingsimpulsen. Grondstofprijzen duikelden omlaag, de olieprijs was zelfs even negatief. Geen vakbond durfde hoge looneisen te stellen, want er kwam massawerkloosheid aan. En de centrale banken bedachten nieuwe manieren om nog meer liquiditeit in het systeem te pompen.

Terugkijkend: misschien was het allemaal een tikje overdreven. Het economisch herstel na de eerste coronagolf ging veel sneller dan gedacht en de volgende golven hadden veel minder effect op de economie. De industrie bleef draaien, de internationale handel groeide en consumenten gedroegen zich lang niet zo angstig als in het voorjaar van 2020.

Inmiddels is corona nog lang niet weg, maar zijn de economische gevolgen nauwelijks meer te zien. Het bbp van het eurogebied groeit zelfs sneller dan dat van de VS en de werkloosheid daalt snel. Zelfs de Italiaanse economie, die toch op de rand van de afgrond stond en alleen gered kon worden met Europese miljarden, nadert rap het niveau van eind 2019.

Maar na de recessie-angst kwam een nieuwe vrees. Gaat het allemaal niet iets te snel weer omhoog? Het herstel leidt tot tekorten, misallocatie en stijgende prijzen. De inflatie in het eurogebied is in oktober opgelopen tot boven de 4%. Dat komt vooral door de piek in energieprijzen, maar de prijzen van voeding, industriële producten en diensten stijgen met minimaal 2%. Nederland doet leuk mee met een inflatie in oktober van 3,8%. Dat is het hoogste percentage sinds begin 2002.

Het is tijdelijk. Het gaat wel weer over. Dit zijn slechts aanpassingsproblemen. ECB-president Christine Lagarde had afgelopen donderdag veel moeite om het gemor over de snelle prijsstijgingen tot bedaren te brengen. De centrale bank blijft erbij dat de hoge inflatie een tijdelijk fenomeen is. Haar sussende woorden riepen vooral scepsis op. De ECB loopt achter de feiten aan, is de teneur. Deze inflatie is uitzonderlijk en hoeft helemaal niet tijdelijk te zijn, waarom ziet de centrale bank dat niet?

Ik snap die argwaan wel. Wie naar de prijsgrafieken kijkt en de lijnen bijna recht omhoog ziet gaan, moet wel denken dat het vreselijk mis dreigt te lopen. Maar juist door de diepe recessie van vorig jaar en het plotselinge herstel, zouden deze grafieken weleens misleidend kunnen zijn. Normaal gaan er in de herstelfase jaren overheen. Inflatie meten op jaarbasis geeft dan een prima beeld van de ontwikkelingen. Maar nu ging het veel sneller en geeft het inflatiecijfer niet alleen weer hoe goed het nu gaat, maar vooral ook hoe slecht we er een jaar geleden voor stonden.

De altijd eigenwijze Duitse Berenbergbank maakte daarom afgelopen week een tweejarige inflatiegrafiek, waarin het prijspeil nu wordt vergeleken met dat van 2019 (en dan door twee gedeeld om weer bij een jaarlijks percentage te komen). Dan valt het tijdelijke dal van 2020 weg en ziet de inflatiestijging er veel minder eng uit.

Ik heb dat kunstje nagedaan voor Nederland en berekende de prijsstijging ten opzichte van twee jaar geleden. Vooral de stijging van de producentenprijzen valt dan reuze mee. Geen 17% in september, maar slechts 5%. Ook de consumenteninflatie gaat flink omlaag, van 3,8% in oktober naar 2,5%. Ook de tweejarige inflatie loopt de afgelopen maanden op, maar niet meer zo uitzinnig als het traditionele cijfer.

(klik voor groot)

Het plaatje voor de economische groei ziet er ook heel anders uit, als je met twee jaar rekent. Van de enorme jaargroei in het tweede kwartaal blijft niets over. We staan na twee jaar dan op een heel klein plusje. Het gaat dus duidelijk nog om herstel, en niet om nieuwe groei. Dat besef zou de zorgen over langdurige inflatie kunnen temperen.

De consumptie is ook nog maar net terug op het niveau van twee jaar geleden. Alleen hebben de Nederlandse consumenten nu wel zo’n vijftig miljard aan extra coronaspaargeld op de bank staan. Daar is dus duidelijk opwaarts potentieel. Kijk, als al die miljarden de komende tijd echt worden uitgegeven, ja dan ga ik ook voor langdurige inflatie vrezen.

FD

Koekoek

‘De zorg is uitgekleed’. Dat is het nieuwe argument van de coronatwijfelaars. Was er niet bezuinigd, dan hadden we nu al die naar adem happende covid-patienten gewoon op de IC kunnen stallen. En waren er genoeg verpleegkundigen geweest om ze tijdens hun kunstmatige coma te verzorgen.

Het is een bizar argument. Allereerst omdat het afschuwelijk is om bewusteloos op de IC te liggen. Meer menselijk lijden kan niet de oplossing zijn. Daarnaast: er is in Nederland helemaal nooit bezuinigd op de zorg. De zorgbegroting ging de afgelopen decennia van 2% naar meer dan 10% van het bbp. Volgend jaar geven we er meer dan 93 miljard euro aan uit. Een record. Zorg is het koekoeksjong dat andere nuttige uitgaven (onderwijs, milieu) uit de begroting wipt.

Maar vooral: vaccineren is ook gezondheidszorg. De medische wetenschap biedt de oplossing voor corona, maar er zijn blijkbaar nog steeds mensen die liever een slang in hun keel krijgen dan een prikje in hun arm. Daar liggen ze dan, op IC, terwijl de operaties van echte patiënten worden afgebeld omdat het bed bezet blijft. De spijt komt altijd te laat.